top of page
  • Foto van schrijverPaul Bröker

Spotternijen: godsdiensttegenstellingen in de kunst vanaf de 16de tot in de 18de eeuw. Deel I: Vooral de paus moet het ontgelden!


  Jezus op een ezel en de paus op een paard, begin 17de eeuw, detail schilderij Museum Catharijneconvent Utrecht


Inleiding

Het artikel van de afgelopen week ging vooral over het protest regen de repressie van de Spaanse overheid met als hoofdrolspelers de Spaanse koning Filips II en Alva, de landvoogd van de koning in de Nederlanden.

In de godsdienststrijd waren het vooral protestanten die zich in woord en daad én met spotprenten keerden tegen een aantal aspecten van de katholieke leer en theologie. Hun speerpunten waren vooral de katholieke eucharistie, de katholieke verering van beelden, de dure inrichting van de kerken, de handel in aflaten, de verering van relieken, de rijkdom van de hoge geestelijkheid, het comfortabele leven in kloosters en het uitbundige seksuele gedoe in kloosters en onder hoge geestelijken.

 

Het waren met name protestanten die zich bedienden van vooral prenten waarop, op een vaak satirische manier de misstanden bij de tegenstander belachelijk werden gemaakt of aan de kaak gesteld zodat tegelijkertijd het eigen gelijk werd benadrukt.

Vanuit het katholieke kamp was er duidelijk minder behoefte om met spotprenten voor het eigen gelijk op te komen. Dit sluit aan bij algemene sociologische gedachten dat nieuwe partijen veel fanatieker opkomen voor hun ideeën dan de gevestigde orde die veel meer gebaad is alles bij het oude te laten en zich zoveel mogelijk koest te houden.

 

Prenten hebben flink bijgedragen aan de verspreiding van de leer van reformatoren. Vooral Luther en zijn aanhangers zagen het belang in van de drukkunst. Zij wisten het nieuwe medium handig te gebruiken om hun ideeën te verspreiden. De pamfletten konden in grote oplagen worden gedrukt, waren veel goedkoper dan schilderijen en konden gemakkelijker worden verspreid. Daardoor konden de ideeën van Luther redelijk eenvoudig een groot publiek bereiken. We zullen zien dat er later vaak schilderijen werden gemaakt naar de voorstellingen op die pamfletten.

 

Luthers’ protest tegen de aflaathandel

Vooral met zijn strijd tegen de aflaathandel werd Luther in een keer bekend bij een grote groep en zou de strijd tegen de misstanden in de pas echt goed beginnen. Het moment waarop Luther in 1517 zijn stellingen openbaar maakte wordt gezien als het begin van de Reformatie.

 

In zijn 95 Stellingen tegen de aflaat ageert Luther onder andere tegen de vanuit Rome verspreide gedachte dat het voor zondaars niet meer nodig was om persoonlijk boete te doen. In veel gevallen zou het voldoende zijn om een aflaatbrief te kopen. Daarmee werden door de kerk en niet door God(!), de zonden kwijt gescholden. Zondaars konden met het kopen van een aflaatbrief de tijd dat zij in het vagevuur moesten verblijven verkorten of zelfs zonder de omweg van het vagevuur direct naar de hemel kunnen gaan. Stelling 7 van Luther: ‘God vergeeft aan niemand schuld die zich niet tevoren verootmoedigt’. 'Zondaars moeten deemoedig en met waarachtig berouw’ hun straf ondergaan (stelling 39 en 40). Luther hecht daarbij veel meer waarde aan het verrichten van goede werken, aan naastenliefde dan aan het kopen van aflaten, want: 'door een daad van naastenliefde neemt de liefde toe en wordt de mens beter ...’ (stelling 44) en: ‘Men moet de christenen leren, dat wie van een arme wegkijkt en die over het hoofd ziet en in plaats daarvan een aflaat koopt, niet de pauselijke aflaat krijgt maar de toorn van God over zich afroept’ (stelling 45).

 

den Roomschen hangelaer, spotprent uit 1520, gravure: 165 x 253 mm.,

Atlas van Stolk, ondergebracht in de Bibliotheek Rotterdam

 

In de tijd dat in Rome de nieuwe Sint Pieterskerk werd gebouwd (vanaf 1517-1626) zaten de pausen behoorlijk om geld verlegen. Naast een aantal grote kunstprojecten die handen vol geld kosten was het megaproject van de Sint Pieter eigenlijk onbetaalbaar. De handel in aflaten bleek een goede financieringsmethode! De verkopers van aflaten legden zó de nadruk op het betalen van geld, dat bij veel gelovigen het idee opkwam dat Gods genade voor geld te koop zou zijn.

 

Op de gravure zit de paus te vissen. Hij wordt omringd door drie kardinalen en een bisschop. Aan zijn hengel hangt een aantal aflaatbrieven. De rijkelijk verzegelde documenten moeten de echtheid ervan onderstrepen en het geloof in die aflaatbrieven versterken. Als een visser houdt de paus de aflaatbrieven aan het goedgelovige volk als lokaas voor. Jezus noemde zijn volgelingen 'vissers van mensen' (Mattheus 4: 19). Het lijkt er sterk op dat de paus niet precies heeft begrepen wat Jezus daarmee heeft bedoeld! In ieder geval lijkt Jezus niet bedoeld te hebben dat zij hun mede-gelovigen financieel moesten uitknijpen.

 Aflaatbrief van Paus Clemens IV, 1265, foto Museum Catharijneconvent

 

De aflaathandel was in de tijd van Luther zeker geen nieuw fenomeen. Met de Aflaatbrief uit 1265 wordt door paus Clemens IV (paus van 1265-1268) aan de persoon die deze brief heeft gekocht én op de dag van de kerkwijding van de Dom in Utrecht (22 juli) de kerk heeft bezocht, in het vooruitzicht gesteld dat hij 100 dagen vermindering krijgt op het aantal dagen dat hij zou moeten boeten in het vagevuur. De opbrengst van de verkoop van deze aflaatbrieven kwam ten goede aan de bouw van de Utrechtse Dom die vanaf 1254 werd gebouwd.

 

De droom van keurvorst Frederik de Wijze 

Het verhaal wil dat Luther op 31 oktober 1517 de 95 Stellingen tegen de aflaat met een hamer op de deuren van de slotkapel van Wittenberg zou hebben gespijkerd. Er is nog een ander verhaal dat deze gebeurtenis net even anders vertelt.

In de nacht voorafgaande aan 31 oktober 1517 zou Frederik III, de Wijze, keurvorst van Saksen (1463-1525) een droom hebben gehad over zijn beschermeling Luther. In die droom schreef (!) Luther met een enorme ganzenveer zijn stellingen op de poort van de slotkapel waar de keurvorst resideerde.

Luther was in 1512 aangesteld als ‘doctor der Heilige Schrift’ aan de universiteit in Wittenberg die tien jaar daarvoor door Frederik de Wijze was gesticht. De keurvorst zag in zijn droom dat de veer waarmee Luther schreef zó lang was dat deze tot in Rome reikte. Daar doorboorde de veer de kop van een beeld van een leeuw. In de droom werd het Frederik duidelijk dat die leeuw Leo X was, de paus die Luther in 1521 excommuniceerde. Leo is Latijn voor leeuw.


De ganzenveer reikte in de droom tot in de troonzaal van de paus. Daar stootte de veer de tiara van het hoofd van Leo X. Die pauselijke driekroon was hét teken dat symbool stond voor de macht van de paus. De symboliek van de drievoudige kroon verwijst naar de paus als vorst van alle vorsten, bestuurder van de wereld en plaatsbekleder van Christus op aarde. Door het optreden van Luther zou er een einde komen aan de macht van de paus.

Frederik vroeg zich in zijn droom af hoe het toch kwam dat die veer waarmee Luther zijn stellingen opschreef zo krachtig was. De reformator antwoordde dat die veer afkomstig was van een oude leermeester, een honderdjarige Gans. In het jaar dat Luther zijn stellingen tegen de aflaat openbaar maakte was het inderdaad ongeveer honderd jaar geleden dat de Tsjech Johannes Hus (1369-1415) als ketter in Konstanz op de brandstapel werd verbrand. Met zijn kritiek op de kerk en de positie van de paus wordt Hus beschouwd als een van de voorlopers van de Reformatie en een inspirerend voorbeeld voor Luther. Voordat hij de brandstapel betrad zou Hus hebben voorspeld dat men nu weliswaar een gans doodde (Hus betekent gans in het Tsjechisch), maar dat er over honderd jaar een zwaan opstaat die zijn werk voortzet. Dat zou dus Luther zijn die inderdaad zo'n 100 jaar later zijn stellingen openbaar maakte. Er werd wel geschreven dat de gans Hus het ei had gelegd dat door de zwaan Luther was uitgebroed. Zo wordt de grote ganzenveer waarmee Luther in de droom van de keurvorst van Saksen de stellingen op de poort van de slotkapel schrijft in verband gebracht met de vijftiende-eeuwse Tsjechische reformator.

Het verhaal over de droom van de keurvorst van Saksen vormt de basis voor afbeeldingen van Luther met een zwaan en dat op Lutherse kerken een zwaan wordt geplaatst.

Op de afbeelding rechts zien we een windvaan met een zwaan op de Lutherse kerk in Amersfoort, De Amersfoortse Zwaan.

 

De droom van de keurvorst van Saksen, anonieme houtsnede, 1617 naar een gravure van Conrad Grahle, Germanisches Museum, Neurenberg


De prent met daarbij een uitgebreide tekst (niet mee gefotografeerd) werd uitgegeven in het herdenkingsjaar 1617 toen het honderd jaar was geleden dat Luther zijn stellingen openbaar had gemaakt en tegen de poort van de slotkapel van Wittenberg heeft gespijkerd.

Rechts op de voorgrond trekken volgelingen van Johannes Hus veren uit de gans die op de brandstapel wordt verbrand. Zij zullen de leer van hun voorganger schriftelijk verspreiden.

Met een van de veren die afkomstig is van Johannes Hus schrijft Luther de eerste woorden op de deur van de slotkapel: ‘Vom Ab-laβ’: ‘over aflaten’.

Luther verklaarde in de droom van de keurvorst dat die krachtige veer afkomstig was van Johannes Hus, de gans die op de brandstapel wordt verbrand. Volgelingen van Luther plukken kleinere veren van de grote veer. Zij zullen op hun beurt de geschriften en de ideeën van Luther verspreiden. Met het openbaar maken van zijn stellingen en zijn kritiek op de paus sluit Luther zich in 1617 aan bij die volgelingen van Hus.

 

Detail van de houtsnede met de droom van de keurvorst van Saksen


De veer die Luther gebruikt doorboort de oren van het standbeeld van de leeuw, ‘Papst Leo X lezen op we de zijkant van het lichaam. De veer stoot de driekroon van het hoofd van de paus. De paus zelf en ook mensen achter hem proberen de kroon nog op het hoofd te houden.

 

Jan Barentsz Muyckens, de droom van de keurvorst Frederik de Wijze, olieverf op paneel 90 x 106,5 cm., 1643, Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto’s Ruben de Heer.

Het schilderij in Museum Catharijneconvent toont veel overeenkomsten met de hierboven behandelde prent uit 1617.


‘Vom Ablas’. De medemonniken van Luther kijken vol ontzag naar wat de reformator opschrijft. Zij trekken kleine veren uit de grote veer om de ideeën van Luther te verspreiden. Een van hen scherpt al zijn ganzenveer.


De veer reikt tot in Rome waar het beeld van paus Leo X wordt doorboord en de tiara door de kracht van de veer van zijn hoofd wordt gestoten. Rechts ligt de keurvorst op zijn hemelbed te dromen. In het midden van het detail neemt hij de lijst met de stellingen van Luther in ontvangst.

Op de voorgrond zit de reformator te schrijven. Hij kijkt naar boven en  ziet de hemel open gaan. Daar verschijnt in Hebreeuwse letters het tetragram JHWH. In de Hebreeuwse Bijbel is deze lettercombinatie de naam of de aanduiding van God.


 Op de voorgrond wordt een gans, Johannes Hus verbrand. De persoon rechts wakkert het vuur aan met een blaasbalg.


Op de voorkant van de bak met gloeiende kolen staat de tekst: ‘Johannis Hus verbrant / Jaer. Anno. 1416 [!]’. De detailfoto die ik in het museum heb gemaakt is nu niet direct een van mijn toppers, maar de tekst lijkt mij redelijk leesbaar. In het museum is de tekst een stuk beter te lezen.

 


De paus als mikpunt van protestantse satire


We zagen het al op de prent den Roomschen hangelaer en de prent en het schilderij met de droom van de keurvorst van Saksen: als hoofd en boegbeeld van de Katholieke Kerk was het vooral de paus die met de reformatorische spotternijen in woord en beeld op de hak werd genomen.

Een en ander heeft geleid tot heel wat spotprenten op priesters en kloosterlingen, maar vooral op de paus. Laten we eens kijken naar een paar van de vele voorbeelden die hiervan bewaard zijn gebleven. 


De mis van de hypocrieten

De mis van de hypocrieten / Spotprent op de katholieke liturgie, anonieme houtsnede op papier: 152 x 233 mm., ca. 1560-‘66, Rijksmuseum, Amsterdam

 

Vooral de leer over de daadwerkelijke transfiguratie van brood en wijn in het lichaam en bloed van Jezus en dat gedurende de mis het offer van Jezus werkelijk, maar onzichtbaar voor de aanwezigen plaats vindt, blijft tot op de dag van vandaag een belangrijk twistpunt tussen katholieke en protestantse theologen.


De tekst in de twee cartouches is linksboven in het Oud-Nederlands en rechts in het Frans: De misse der IJpocrijten / La messe des Hijpocrits: De mis van de Hypocrieten. Omdat het overige deel van de tekst op de foto van de prent niet goed leesbaar is kom ik er niet helemaal uit. Dat lijkt mij voor een redelijk begrip van de prent niet heel erg. In de tweede regel van de Nederlandse tekst lezen we wel duidelijk het woord ‘Vo sen’ en in de Franse tekst is het op een na laatste woord vanaf rechts: ‘Renarts’, vossen dus. De vossen verwijzen naar de priester en de misdienaar die voor het altaar staan. Zij hebben beiden een vossenkop. Daar komt nog bij dat wij links een kerkkoortje zien dat wordt gevormd door zangers met een vossenkop en vossenpoten. Zij zingen uit een groot boek met een onbeduidend notenschrift. Het koor wordt begeleid door de organist rechts. Ook hij heeft een vossenkop.

De eerste regel van de tekst maakt duidelijk dat wij de voorstelling mogen interpreteren als een aantijging en een spotprent op de katholieke mis/liturgie. De aanwezigheid van mensen met de uiterlijke kenmerken van vossen mogen we daarom in een negatieve zin duiden.

Het beeld van een vos zoals dat vanaf de middeleeuwse literatuur en vooral in fabels naar voren komt en met menselijk gedrag in verband wordt gebracht is ronduit negatief. Het beeld van een vos wordt ook tegenwoordig nog wel gebruikt om iets negatiefs over mensen te zeggen. Bij het woord vossenstreek mogen we nog steeds denken aan iemand die met een sluwe handeling of een gewiekste manier van voorspiegelen iemand op een bedrieglijke manier voor eigen gewin te grazen neemt.

Mij dunkt dat het beeld van een vos vooral is bepaald door Van den vos Reynaerde dat is geschreven in de dertiende eeuw. Hoewel Reynaert de Vos bewondering afdwingt door zijn slimme handelen, weet hij iedereen die met hem te maken krijgt met mooie praatjes en leugens te bedonderen om zijn doelen te bereiken. Met zijn huichelachtige karakter is Reynaert een doortrapte schurk en gewetenloze bedrieger die in elke situatie wel een verhaal bedenkt om er zelf beter van de worden.    

De vos die, wanneer hij de kans krijgt, veel meer kippen dood bijt dan hij kan eten staat voor de ongebreidelde gulzigheid en hebzucht van het dier. Dat beeld van de vos wordt op de paus, de hoge geestelijkheid en de almaar rijker geworden kloosters en kloosterlingen toegepast. Terwijl zij met hun schijnheilig gedrag en hun gelikte en huichelachtige praatjes het handig weten te verhullen dat zij een luxueus, gezapig en zondig leven hebben dat vaak ten koste gaat van de noodlijdende bevolking. Zij verrijken zich buitensporig en hebben er alles voor over om hun welstand nog meer te verhogen. Daarbij deinzen zij er niet voor terug van alles te doen wat God heeft verboden en de duivel met zoveel ijver stimuleert.

Samenvattend: het zijn bedriegers, schurken, dieven en oplichters die een vossenkop dragen!

detail houtsnede met de mis van de hypocrieten / Spotprent op de mis en de Roomse kerk


Het geschetste beeld wordt op de houtsnede versterkt door de voorstelling boven het altaar. Links zien we S. IUDAS, de heilige Judas! De bedrieger die Jezus voor geld verraadde wordt hier afgebeeld met de driekroon van de paus. De geldzucht van de paus wordt nog eens versterkt door de voorstelling daarnaast. We zien het wapen van de paus: de twee sleutels van de hemelpoort en van de kerk die zich kruisen voor een geldbuidel! 

 

Jezus op een ezel en de paus op een schimmel

Jezus op een ezel en de paus op een paard, anoniem, Nederland, begin 17de eeuw, olieverf op paneel: 26 x 30,5 cm., Museum Catharijneconvent, Utrecht

 

Het bedrieglijke en hypocriete gedrag van de paus komt naar voren in de prent met tegenstellingen tussen het leven van Jezus en de paus, die zich servus servorum dei (knecht van de knechten Gods) liet noemen.

Het verschil in voorkomen tussen de twee personen springt direct in het oog. Jezus zit nederig op een ezel. Hij is eenvoudig gekleed en draagt een doornenkroon. De paus daarentegen rijdt op een schitterend opgetuigd wit paard, is gehuld in kostbare kleding en draagt de tiara: ‘een drievoud gulden kroon’. De tekst onder de voorstelling benadrukt dat de zelfbenoemde plaatsbekleder van Christus wel erg ver van zijn voorbeeld is afgedwaald.


Detail paneel Jezus op een ezel en de paus op een paard. Museum Catharijneconvent, tekst:


Hier bij so schijntet dat in staet               de knecht veer booven de meester gaet:

Den heer op eenen arm dier                    de knecht met grooter pracht en sier    

Den heer draeght eenen doornen kroon   de knecht een drievout gulden kroon

Den heer was armlick hier gestelt            de knecht heeft groote macht en gelt

Den heer sijn iongeren wies de voet        de knecht sijn voet men kussen moet

Den heer leet hier veel schandt en spot   de knecht sich eeren laet als godt

 

Wanneer we de tekst samenvatten dan komt het erop neer dat het in werkelijkheid lijkt dat de knecht (de paus) zich ver verheven voelt boven zijn meester. De heer (Jezus) draagt onopvallende kleding en heeft nederig plaatsgenomen op een eenvoudig ezeltje. De knecht daarentegen beweegt zich over de aarde met grote pracht en praal op een schitterend uitgedost paard. Jezus draagt de doornen kroon terwijl de knecht zijn drievoudige gouden tiara op het hoofd draagt. Jezus is nooit rijk geweest maar leefde eenvoudig onder de mensen. De paus daarentegen heeft grote macht en geld. Jezus heeft zijn volgelingen nederig de voeten gewassen terwijl de paus zich de voeten laat kussen. Jezus onderging veel schande en spot, de paus daarentegen laat zich als God vereren.

 

De voorstelling van het paneeltje in Museum Catharijneconvent is waarschijnlijk geïnspireerd op onderstaande gravure uit ongeveer dezelfde tijd.

 

Christus op de ezel, de paus te paard, Nederlandstalige uitgave, Utrecht, gravure op papier: 258 mm × 311 mm, na 1620, Rijksmuseum.

Oorspronkelijk gedrukt met Duitse tekst bij de Duitse uitgeverij van Jan Amelisz, 1620

 

Op de gravure wordt een soortgelijke vergelijking gemaakt als op het paneel in Museum Catharijneconvent. De nederigheid van Jezus op een ezel en de hoogmoedigheid van de te paard gezeten paus worden in woord en beeld op de prent benadrukt. 

Met de tekst bovenin de gravure in het Rijksmuseum wordt de toon direct gezet: Oh mens, bekijk deze ruiters goed, dan zal u het onderscheid opvallen: de heer en meester noemt zich knecht, de knecht noemt zich het hoofd van de kerk.


In het onderschrift van de voorstelling worden in twee kolommen dertien verschillen naast elkaar gezet tussen Jezus en de paus: 'De Heer hier op een Esel Rijt. De Knecht een wereldich Ros Beschrijt, ...'

 

 Detail gravure Christus op de ezel, de paus te paard, Utrechtse uitgave


Links van Jezus staat een hermen (beeld in de vorm van een stenen paal met een hoofd) met passiewerktuigen van Jezus. De speer en de rietstengel met de spons, de geselroede en de ladder verwijzen naar de lijdensgeschiedenis, de kruisiging en de dood van Jezus.


Rechts van de paus draagt de hermen typisch Roomse spullen: een monstrans of een reliekschrijn, een rozenkrans een kwast en een wijwatervat en een aflaatbrief met lakzegels. De betekenis van het uitgieten van water ontgaat mij. Wellicht verwijst het naar het water dat tijdens de eucharistie bij de wijn wordt gedaan.

 

Onder en boven Jezus zijn twee kleine medaillons aangebracht met scènes uit het lijdensverhaal. Aan de kant van de paus wordt met twee scènes kritisch verwezen naar de hoge positie die de plaatsvervanger van Jezus bekleedt. 


details Christus op de ezel, de paus te paard, Utrechtse uitgave


Links: de geseling en doornenkroning van Jezus

Rechts: Twee mannen plaatsen de tiara op het hoofd van de paus


Links: Jezus valt onder het kruis.

Aan de andere kant dragen mannen de paus in een draagstoel. Vier mannen dragen een baldakijn op stokken boven het hoofd van de paus.


Passional Christi und Antichristi

Al zo'n honderd jaar eerder dan de uitgave van gravure met Jezus en de paus hadden de Duitse kunstenaar Lucas Cranach de Oude (1472-1553) en de Duitse filosoof en theoloog Philip Melanchthon (1497-1560) de tegenstellingen tussen Jezus en de paus op scherp gezet. In 1521 publiceerden zij in Wittenberg een klein prentenboek met zes paar houtsneden (ca 200 x 140 mm): Passional Christi und Antichristi: Het lijden van Christus en Antichrist. Het geldt als het eerste geïllustreerde polemische boek van de Reformatie.

Na 1521 zouden er nog vele herdrukken van het pamflet volgen. Cranach maakte de houtsneden van het pamflet. Melanchthon schreef de teksten. Hij was een van de belangrijkste medewerkers van Luther. Na het overlijden van Luther werd hij het hoofd van de Reformatie in Duitsland.

In Passional Christi und Antichristi werden zes episodes uit het leven van Jezus en zes voorstellingen met het gedrag van de paus naast elkaar geplaatst. De paus draagt officieel de titel Plaatsbekleder van Jezus Christus op Aarde. In woord en beeld wordt aangetoond dat die titel van plaatsbekleder van Christus voor de paus volkomen misplaatst is. De voorstellingen en de teksten brengen het verschil tussen het eenvoudige leven van Jezus en de pracht en praal, de hebzucht, de inhaligheid, de weelderige en de op macht beluste levenswijze van de paus in beeld. Wanneer de paus voor de katholieken de plaatsvervanger van Christus op aarde is, ziet de protestantse spotcultuur in hem de plaatsvervanger van de duivel op aarde.

Het doel van het spotschrift is de paus te ontmaskeren als de in de Apocalyps optredende Antichrist die op het einde der tijden zal verschijnen en zich vóór de terugkomst van Christus zal voordoen als de ware Christus. Hij zal de mensen aanzetten hem te vereren. In de teksten van Melanchthon wordt de paus consequent Antichrist genoemd. Op de afbeeldingen is deze Antichrist als paus herkenbaar aan de tiara: de paus ís de Antichrist!

De hieronder getoonde afbeeldingen zijn afkomstig uit verschillende uitgaven van Passional Christi und Antichristi.

 

De intocht in Jeruzalem. Gezeten op een eenvoudig ezeltje rijdt Jezus de stadspoort binnen.

Onder de houtsnede met de paus lezen we: Der Pabst mag gleich wie der Kaiser reiten, und der Kaiser is sein Trabant: de paus rijdt als de keizer, en de keizer is zijn handlanger.

Op de voorstelling rechts rijdt de paus hoogmoedig op een paard te midden van kerkelijke en wereldlijke hoogwaardigheidsbekleders in de richting van de vuurpoel waarin de mensen voor hun zonden gestraft worden. De Antichrist rijdt linea recta naar de hel.

 

Jezus verjaagt de geldwisselaars uit de tempel (Mattheus 21: 12-13)

Rechts verkoopt de schraapzuchtige Antichrist aflaatbrieven en incasseert het geld dat hij ermee verdient. De grote zegels bevestigen de echtheid van de  documenten. Staande voor de tafel legt een man het gevraagde geld voor de Antichrist op tafel.                                                                                              

Onder de houtsnede met de Antichrist lezen we: Sie siβt der Antichrist ym Tempell Gots, wi erseygt sich als Got: U ziet dat de Antichrist in de tempel van God zich als God voordoet.  Paulus over de Antichrist: 'Hij verheft zich tegen al wat God of heilig is. Hij zal zich neerzetten in Gods tempel en zich uitroepen als de teruggekeerde Christus." (Paulus, Tweede brief aan de Thessalonicenzen)


Jezus wast nederig de voeten van zijn leerlingen terwijl de Antichrist

in al zijn verhevenheid zich de voeten laat kussen door geestelijke en wereldlijke hoogwaardigheidsbekleders. Een koning knielt eerbiedig voor hem op de grond en buigt zich met gevouwen handen naar voren om de uitgestoken voet te kussen. Zoals Johannes het in zijn visioenen over de gebeurtenissen op het einde der tijden zag laat de Antichrist zich door zijn volgelingen vereren en aanbidden.


Na zijn geseling wordt Jezus bespot. Hij had zich Koning der Joden genoemd. Dit was voor zijn kwelgeesten aanleiding om hem als een soort schertskoning uit te dossen. Zij hullen hem in een purperen koningsmantel, plaatsen een doornenkroon op zijn hoofd en, zogenaamd eerbiedig knielen zij voor hem op de grond en aanbidden hem.

De Antichrist wordt gekroond met een driekroon. Op de voorgrond wordt hij aanbeden door zijn volgelingen, precies zoals de Apocalyps het verwoordt.


Op de laatste twee pagina’s wordt Christus opgenomen in de hemel. De Antichrist wordt door duivels in de hel geworpen.

 

De paus spreekt met dezelfde mond als de duivel

Anoniem, Nederland, Dubbelkop van Paus-Duivel / Spotschildering op de paus, olieverf op paneel: 22 x 15,2 cm., 17de eeuw, Museum Catharijneconvent, Utrecht

 

We herkennen links de paus aan zijn driekroon. Wanneer het schilderij wordt gedraaid (rechts) herkennen we de duivel aan zijn duivelachtige kop met hoorns en ezelsoren.

 Ik kan mij nog goed herinneren dat ik dit schilderij voor het eerst zag in de periode nadat Museum Catharijneconvent in 1979 de poorten officieel had geopend. Het paneel hing tussen de schilderijen die ik in dit artikel heb opgenomen en veel van de schilderijen die ik in deel II wil behandelen. Te midden van die vaak veel grotere schilderijen viel het kleine paneel direct op. Het schilderijtje was namelijk met een motortje aan de muur bevestigd en draaide langzaam rond! Daardoor kon de bezoeker afwisselend de kop van de paus en de kop van de duivel bovenaan zien. Pas dan valt het goed op dat de paus en de duivel door dezelfde mond praten! Alles wat de paus deed, voorschreef of uitkraamde was immers ingegeven door de duivel. De paus wordt voorgesteld als een manifestatie van de duivel!

 Het kijkplezier is met de hedendaagse opstelling enigszins verloren gegaan. Tegenwoordig lígt het schilderij, onbeweeglijk in een vitrine.


Titelpagina van Papekost, opgedist in Geuse schotelen ..., van Laurens van Steversloot, uitgave 1720, Blokzijl, Museum Catharijneconvent, foto’s Museum Catharijneconvent.

 

De dubbelkop paus-duivel kende veel navolging. Behalve op prenten en schilderijen komen we de voorstelling tegen op munten en op alledaagse gebruiksvoorwerpen. 

De dubbelkop blijft lang populair. Enige tijd na de dood van de schrijver verschijnt er nog een nieuwe uitgave van het vermakelijke boek Papekost, opgedist in Geuse schotelen handelende van de pausselyke opkomst, afgodery, en beeldendienst, mis mitsgaders [alsook] hun val en einde. We zien de niet erg flatteuze spotkop van de paus die door dezelfde mond spreekt als de duivel. De paus is een manifestatie van de duivel en/of de Antichrist. Dat spreekt niet alleen uit de dubbelkop paus-duivel, maar ook uit de tekst op pagina 147 van het boek van de predikant Laurens van Steversloot (1672-1713).

 

Titelpagina Papekost, opgedist in Geuse schotelen ... , uitgave 1720,

Museum Catharijneconvent, Utrecht


pagina 147, Papekost, opgedist in Geuse schotelen, uitgave 1720


Tekst boven de twee dubbelkoppen:

De Werelt is’t toneel des Duyvels steeds geweest:

Hier Speelt hy d’Engel Gods, en daar de Leugengeest;

Wie Heylig heet, of Wys, kan hy doen 't zamen dwalen;

Maar weet, de breidel Gods belet hem ’t zegepralen.

 

Tekst onder de afbeelding, voor het gemak omgedraaid:


De Toetssteen keurt het goud; de Schrift de Geesten Gods,

De ware Kristen Kerk rust op een dierbre Rots:

De valsche, schoon in Schyn, Steunt op verzierde gronden:

Wyl Duivel, Dwaas en Vreck zyn Bouwers daer gevonden.

  

  details pagina 147, Papekost, opgedist in Geuse schotelen, uitgave 1720


De paus wordt ook hier voorgesteld als de Antichrist. Wanneer we de voorstelling links 180 graden draaien, kunnen we tekst in het Nederlands wat makkelijker lezen. De tekst wordt voorafgegaan door het getal 666. In de Apocalyps/Openbaring is dat het getal van het beest, de belichaming van de Antichrist. (Apocalyps: 13:18) Vervolgens lezen we: DE VALSCHE KERCK DRAAGT ’S DUYVELS MERK: De valse kerk, de kerk van de Antichrist die wordt vertegenwoordigd door de paus en de kardinaal, draagt het teken van de duivel.

 

details pagina 147, Papekost, opgedist in Geuse schotelen, uitgave 1720


De dubbelkop kent veel variaties. Op de gravure uit Papekost, opgedist in Geuse schotelen... herkennen we een kardinaal aan zijn kenmerkende hoed. Na de paus zijn kardinalen de belangrijkste hoogwaardigheidsbekleders in de Katholieke Kerk. In de spotcultuur praat de kardinaal de paus naar de mond. Wanneer we de kop draaien herkennen we bovenaan een nar aan zijn narrenmuts. De kardinaal wordt voorgesteld als de nar van de paus. In de Nederlandse tekst lezen we rondom de voorstelling: IN WYSEN SCHYN VEEL GECKEN SYN. De tekst komt er op neer dat kardinalen zich heel wijs voordoen, maar in werkelijkheid zijn het dwazen die met de mond van een nar praten.


PS Volgende week verschijnt het tweede artikel van het tweeluik over spotternijen in de godsdienststrijd in de Nederlanden tussen de protestanten en de katholieken.

 

Gebruikte Literatuur

- Tentoonstellingscatalogus Geloof en Satire Anno 1600, tentoonstelling Rijksmuseum Het Catharijneconvent, Utrecht 1981

- Boek bij tentoonstelling De Kracht van Luther, Museum Catharijneconvent, - Utrecht, 2017-2018

- Wikipedia: 'Frederik III keurvorst van Saksen', 'Jan Hus', ‘Passional Christi und Antichristi’, geraadpleegd: 1 en 2 februari 2024


NB De objectgegevens van de kunstvoorwerpen die zich bevinden in Museum Catharijneconvent zijn in de meeste gevallen gebaseerd op de gegevens van de website van het Museum. Klik op de link: http://www.museumcatharijneconvent.nl Klik op ‘Menu’ en daarna onder ‘onderzoek en advies’ op: ‘Collectie & bibliotheek’. Vul daarna in welk onderwerp (bijv. Papekost opgedist in Geuse schotelen) u zoekt in het vakje: ‘zoek in collectie en bibliotheek’. Wanneer u nog wat doorklikt kunt u het boek gezellig doorbladeren.




 



 

195 weergaven
bottom of page